Samen met het Clubkampioenschap start ook het Laddertoernooi. Iedereen die niet deelneemt aan het Clubkampioenschap of die dinsdag vrijgesteld is, kan deelnemen. Je kan je elke dinsdag hiervoor aanmelden tot 19u55.
Dit jaar is er wel een grote wijziging, die we na het toernooi zullen evalueren. Tijdens de jongste AV in juni bleek dat er interesse was in Fischer Random of ook wel Chess 960 of Freestyle genoemd. Daarom zullen er 2 Laddertoernooien naast elkaar worden georganiseerd: het klassieke Laddertoernooi en Laddertoernooi 960. Bij elke deelname geef je mee aan welk van beiden je wil deelnemen. De gewone partijen van het Laddertoernooi blijven voor Elo tellen (tenzij beide spelers op voorhand aangeven van niet); de partijen van Laddertoernooi 960 uiteraard niet.
Elke dinsdag zal er een beginstelling geloot worden die geldt voor alle partijen van die avond van het Laddertoernooi 960.
Voorbeeld van een beginstelling van Laddertoernooi 960.

Deze handige uitleg vond ik online:
De beginstelling wordt dus geloot. Er zijn twee restricties bij de opstelling: de koning moet ergens tussen de twee torens moet staan (om rokade mogelijk te maken) én je lopers moeten op verschillende gekleurde velden staan. Qua regels is alleen de rokade net even anders.
Bij Chess960 gebeurt rokade met de koning en een van de twee torens, die op het gebruikelijke doelveld terechtkomen als de rokade is uitgevoerd.
De benamingen ‘lange’ of ‘korte’ rokade en rokade ‘op de koningsvleugel’ of ‘op de damevleugel’ zijn bij Chess960 wat verwarrend. Men spreekt liever van rokade ‘op de a-vleugel’ of ‘op de h-vleugel’.
Onderstaande regels gelden voor de witspeler:
- Lange rokade (op de a-vleugel): met de koning en de toren die links van de koning staat. Koning naar c1 en toren naar d1.
- Korte rokade (op de h-vleugel): met de koning en de toren die rechts van de koning staat. Koning naar g1 en toren naar f1.
De voorwaarden voor rokeren lijken op het klassieke schaken:
- De koning en de betreffende toren mogen niet zijn verplaatst ten opzichte van de beginopstelling.
- De koning mag niet schaak staan, en de velden die de koning passeert mogen niet aangevallen staan. In het uiterste geval (koning op de b-lijn, rokade op de h-vleugel) moet de koning vier velden passeren.
- Het doelveld en de velden die door de koning en de toren worden gepasseerd, moeten leeg zijn, afgezien natuurlijk van de koning en de betreffende toren zelf.
Merk op dat soms alleen de koning of alleen de toren wordt verplaatst. Het is zelfs mogelijk dat koning en toren van plaats wisselen en dan is de rokade reeds bij de eerste zet mogelijk.
Verplaatst een speler in het klassieke schaakspel de koning over twee velden, dan weet men dat hij bezig is om te rokeren. Bij sommige aanvangsstellingen van Schaak 960 kan een misverstand ontstaan als de koning een enkele stap opzij doet en de speler daarna niet onmiddellijk naar de toren grijpt. Daarom is het aan te bevelen een rokade aan te kondigen: “Ik ga nu rokeren.” Een andere mogelijkheid is: neem de koning van het bord, verplaats de toren en zet de koning op de definitieve plek.
Veel plezier!

