Bekeravond

Avatar foto

DoorPascal De Kaey

mei 3, 2017 693 views

Een echte bekeravond was het dinsdagavond! De underdogs lieten zich opmerken en maakten het de elofavorieten flink lastig. Vooral Yannick liet Pascal stevig zweten. Pas na vele zetten in de incrementperiode en een uiterst boeiend eindspel kon Pascal de overwinning binnenhalen. Uiteindelijk wonnen dan toch alle elofavorieten, behalve Lino die wegens omstandigheden forfait moest geven. En toen waren ze nog met acht.

13 reactie op “Bekeravond”
  1. Dank voor je spannende partij,vorige week in de bekercompetitie,Pascal !Het publiek heeft er enorm van genoten.
    Alhoewel wit op een bepaald ogenblik een remisecombinatie kon uitvoeren,volgens Alain T.,heb je wel verdiend gewonnen.Je hebt het je tegenstrever enorm moeilijk gemaakt en je had met zwart natuurlijk het loperpaar en een sterk pionnencentrum om op te tornen tegen 2 torens,die niet opperbest geposteerd waren.
    Maar ja,die situaties,die kunnen ontstaan,vloeien voort uit dit systeem met increment.
    Iedereen heeft er toch bij stilgestaan dat ,met dit systeem,een partij EEUWIG kan bliven duren…

  2. eeuwig duren kan het alleen Patrik als je twee computers tegen elkaar laat spelen maar in de praktijk zeker niet ! sinds ze in Brasschaat ook een increment gebruiken zijn de partijen sneller gedaan !! en ook bij ons in de club worden de partijen meestal beslist voor de 40 ste ….

  3. Wie zijt gij, lieve mensenkinderen, die een mening durven schrijven over EEUWIG met hoofdletters ! Niets bij ons is eeuwig, de sleet van de stukken en het bord, en de klok zorgen er op een minimum van eeuwige tijd voor dat uw bewering naar de eeuwige jachtvelden gestuurd wordt. Vervangen helpt niet. Eeuwig overschrijdt in eeuwige mate de sterfelijkheid van onze materie en van onszelf in dit deel van het universum. Dit alleen maar om te vertellen dat Frank woensdag in Aalst een remise behaalde tegen iemand met 225 elo punten meer. Knap vind ik zo iets, Helaas, net niet onsterfelijk.

  4. Prachtig stukje, Carlo, en terecht proficiat aan Frank. Ook Gert deed het al zo mooi vorige week.

    Eewig is zo al wel een moeilijk begrip (eeuwig en drie dagen is nog altijd gewoon eeuwig), maar een partij die eeuwig duurt, is makkelijk: dat kan namelijk niet (zelfs niet met twee computers tegen elkaar, om even nog wat verder te gaan dan Alain).

    Gesteld dat niemand weet te winnen, dan kunnen de kemphanen van dienst maar een eindig* aantal zetten doen vooraleer de partij remise wordt, door herhaling van zetten of 50-zettenregel. De kans is bijzonder groot dat dit einde zich voordoet lang voor stukken en bord uit elkaar vallen, om maar te zwijgen van onze broze eigenste ikjes. En als twee tegenstanders bij leven niet bij machte zijn om hun partij uit te spelen, verliest één van de twee de partij door tijdsoverschrijding. Wat wel eeuwig duurt, is het resultaat van een partij: gedane zaken nemen geen keer. Je kunt revanche proberen te nemen zoveel je wil, maar de nederlaag die je daarmee wil uitwissen, maak je nooit meer ongedaan (voor winst geldt zowat hetzelfde, maar eigen winst pleegt men zelden te willen uitwissen). Ook het einde der tijden verandert niets aan de zaak, als dat al niet eeuwig op zich laat wachten, maar het beperkt wel je mogelijkheden voor zeer beoogde revanches. Een tijdmachine dan? Ik las onlangs nog ergens een kop “Tijdreizen wiskundig mogelijk!”. Komkommer-tijd-reizen dan wel, want 1) niet nieuw 2) praktisch niet uitvoerbaar. Het zou trouwens valsspelen zijn: zetten terugnemen mag namelijk niet, net zo min als je tijd terugdraaien, ergo winstclaim en einde partij. Laat de onwetende tegenspeler die claim na? Doet niet ter zake: als het op mogelijk eeuwig duren aankomt, tellen alleen reglementaire partijen mee. Bovendien hebben valse partijen de neiging om binnen de kortste keren af te geraken, en dus sowieso niet eeuwig te duren.

    Gelukkig derhalve, dat partijen niet eeuwig kunnen duren. Wanneer zou ik dan thuiskomen?

    * Het aantal mogelijke stellingen of zetten vanuit de beginpositie is ontzagwekkend groot, maar niet oneindig. In de praktijk spreken we pas van “eeuwig duren” bij partijen die al een tijd aan de gang zijn, en waar het aantal mogelijkheden al danig is verminderd.

  5. Luister eens jongens, een eeuwige partij kan niet om een veel simpeler reden: ge moogt namelijk niet eten aan het bord. En eens in het increment is even weg gaan om een broodje te eten niet meer mogelijk. De keuze wordt dus simpel: verliezen of verhongeren. Maar mijn vrouw heeft dit allemaal gelezen en betwijfelt nu stilaan of schaken echt wel goed is voor de geestelijke gezondheid….

  6. Dankzij de 50-zetten-regel kan een partij maximaal 5948 zetten duren. Met het Bekertempo zou dat betekenen dat een partij maximum +/- 100 uur kan duren. Als de partij om 20u gestart is op dinsdag, moet ze dus ten laatste klaar zijn zaterdagavond rond middernacht.

  7. Qua verhongeren kan dat nog meevallen, dus.

    Nee Jan, je vrouw heeft overschot van gelijk. Maar wij amuseren ons wel! 🙂

  8. Zou het ondertussen mogelijk zijn, tussen al die taalvirtuositeit door, om de oneindige schoonheid van beide besproken partijen te aanschouwen?

    Een mens wordt er alleen maar nieuwsgieriger op

  9. Nee Pascal, een geklokte partij met of zonder increment kan onbeperkt lang duren want de “50-zetten” regel (art 9.3), de “driemaal herhaling van stelling” regel (art 9.2) en de “vlag gevallen” regel (art 6.8) geven enkel een recht; dit recht krijgt pas een gevolg als een claim wordt uitgebracht.

    Ook de tragere versies ervan, de “75-zetten” regel (art 9.6.2) en de “vijfmaal herhaling van stelling” regel (art 9.6.1), die claimloos werken, kunnen pas effect krijgen als hun toepasbaarheid wordt gemerkt, dit kan door een speler of door de wedstrijdleider/arbiter. Zolang niemand iets merkt kan er doorgespeeld worden, ook al is de partij reglementair misschien al ten einde.

    Terloops, op 01 juli 2017 treedt de nieuwste versie van het FIDE reglement in voege. Zoek de negen verschillen?!

  10. Dat is misschien wel juist, Luc, maar de hele gedachtewisseling begon naar aanleiding van de uitspraak van één onzer schuivers als zou de incrementregel ertoe leiden dat een partij eeuwig zou duren, een conclusie die onmiskenbaar geformuleerd was vanuit zijn onpeilbare vrees en het verlammende inzicht dat de opponent van dienst het zou vertikken de overduidelijk verloren partij zoals het hoort op te geven, en dat hijzelf derhalve, vooruitlopend op deze gang van zaken, maar best weer de aloude jammerzang “Dat-moet-mij-weer-overkomen!” kon aanheffen.
    Anders gezegd, en een paar stappen in de argumentatie overslaand, geen schaker (m/v) wil te allen prijze een partij niet beëindigen. Of onophoudelijk niet merken dat hij of zij iets kan claimen, te weten winst om deze of gene reglementaire reden. Ik weet wel, schakers begaan wel eens meer kemels en blunders van het type “oekundedanaanisien”: men ziet bij voorbeeld een vijandig schaak over het hoofd maar doet na ampel nadenken toch de enige juiste zet die het schaak opheft, edoch, zo weze terloops opgemerkt, verder geen zinnige zode aan de dijk zet (laat staan het meer gebruikelijke meervoudige getal der zaak). Maar een persistent en vooral blind claimverzuim is toch wel van een andere orde. Wie ben ik, maar ik denk niet dat het mij al ooit overkomen is, al moet ik eraan toevoegen dat mijn partijen ook niet echt de neiging hebben om enigszins eeuwig te gaan duren, wat dit voorbeeld wellicht niet heel decisief maakt.
    Ik blijf er dus bij dat partijen altijd zullen eindigen binnen een zekere tijdsspanne en lang voor de eeuwigheid in zicht is. Ook de minst opmerkzame schaker (m/v) zal ten slotte opmerken wat hij tot afgrijzen van alle vasthoudende toeschouwers niet eerder had opgemerkt en claimen wat hem of haar toekomt. Ik besluit evenwel met de paradoxale vaststelling dat, hoewel partijen niet eeuwig duren, de schaakwereld toch partijen kent (én koestert) die het epitheton “eeuwig” dragen. Of was het “onsterfelijk”? Nu ja, dat komt zowat op hetzelfde neer. Geen van beide predicaten is overigens toepasbaar op mijn eigen partijen, so why bother?

  11. Herman, ik ben wel voorstander van het Fischer systeem maar ik verdedig geen eeuwigdurende partijen, wel had ik het over een fout in de gehanteerde argumentatie. En zeldzaam zijn de spelers die nog geen enkele drievoudige herhaling van stelling onopgemerkt hebben laten voorbijgaan.

    Voor wie in het Fischersysteem alsnog een probleem meent te zien heb ik wel een voorstel van ‘oplossing’; voeg aan het betrokken tornooireglement één bepaling toe die een absolute maximum duur vastlegt (bvb. de som van alle vaste tijden plus 120 incrementen, dat zou bij 90’/30″ dus 300′ worden); wanneer op dat moment de partij nog niet beeindigd zou zijn wordt ze zonder meer remise verklaard. Vermoedelijk kan dit bij ELO verwerking best enkel gebeuren wanneer de betrokken overheid erachter staat.

  12. Omdat blijkt hoe belangrijk de eeuwigheid is voor diverse clubleden hebben we beslist de algemene vergadering van 13 juni om 20 uur te laten beginnen en te beëindigen op 20 juni om 14.53 uur. Transcendente meditatie inbegrepen. Akkoord, het is geen eeuwigheid, maar we moeten ergens mee beginnen…

  13. Na het lezen van deze uiterst onderhoudende discussie, wil ik er even op wijzen dat, voor er iemand verhongert, we al lang zijn ingedommeld en grandioos door onze vlag gegaan. En ik spreek jammer genoeg uit ervaring.

Een reactie achterlaten

Off topic reactie | Meld een fout/klacht | Gedragscode

Opgelet, je bent niet ingelogd. Je reactie zal mogelijk eerst moeten worden goedgekeurd door de webmaster vooraleer ze op de website verschijnt.

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *