2 reactie op “Frank verslaat Gert in Leuven”
  1. Als ik tijd vind zal ik er een verslag à la Carlo van maken. Tegen Frank was ik in ieder geval kansloos. Een variant van Spaans gespeeld die ik normaal nooit speel (en ook niet had voorbereid). En net zoals tien jaar geleden nam Frank weer mijn loper op b3 (met het paard).
    En 10 euro (= 6.67 pintjes) gewonnen.

  2. Open van Leuven 2010

    Elk jaar kijk ik reikhalzend uit naar dit tornooi. Ik doe er al mee sinds ik de schaakregels leerde. Dat was in 1991. Geleerd van een kameraad, na enkele weken al compleet schaakgek, ook in het leger (laboratorium brandwondencentrum in Neder-over-Heembeek) speelde ik veel alwaar ik toch eens naar ‘den bureau’ van een kapitein moest komen omdat ik ongeoorloofd schaaktornooien organiseerde tijdens de werkuren. De man vroeg me of ik mijn twee vrouwelijke burger-collega’s dan niet mooi vond aangezien ik zo weinig op de dienst aanwezig was. Ik antwoordde dat dat nogal meeviel. Hij geloofde me duidelijk niet; Want waarom raadde hij me anders aan om de Playboy het laboratorium binnen te smokkelen ?
    Het Open van Leuven is het tornooi dat het meeste respect toont voor de kleine schaker ; de verhouding inschrijvingsgeld / prijzengeld is nergens in België beter dan daar. Ratingprijzen worden er gedeeld (ik won 10 eur met een gedeelde vijfde plaats in de -1700) en zijn royaal : van 175 eur tot 20 eur voor de vijfde. In vijf categorieën.
    Zaal Ons Huis is eigendom van de kerkfabriek die nu eindelijk met geld over de brug is gekomen voor renovatie. Alle muren kregen een verse laag verf en er was dit jaar elke dag papier om je handen af te drogen na sanitaire stops. Er zijn tekeningen van danseressen aangebracht op de muren want er gaan ook salsalessen door. Dit weekend moesten die doorgaan in het café. Menig schaker stond er te staren, als hazen voor een lichtbak. Naar de kronkelende lichamen en de elegante bewegingen, verbonden met hun geest door niets.
    De eerste ronde moest ik aan de bak tegen ene De Meirsman Dean. Is de drielingbroer van Shaun en Robin en ze maken deel uit van de door Dimitri Allaert recent gestichte (studenten-)club Dark Knights. De jonge man speelde vrij goed vond ik omdat het z’n eerste tornooideelname was. Ik had steeds overwicht maar raakte toch niet verder dan remise. In de overtuiging dat ik gewonnen stond speelde ik te snel en miste hierdoor een nadien aantoonbaar overigens vrij eenvoudig winstpad.
    Tweede ronde tegen De Weird Mathias, een jeugdige 1300 elo. Eigenlijk werd ik overspeeld en stond ik de hele tijd een pion achter. Toen maakte ik me even kwaad en percuteerde ik met koning het witte centrum. Door de complicaties won ik een pion terug en even later ook een toren toen de jongeman die pardoes liet instaan.
    Ronde 3 tegen Aglave Arnaud, 2000plus. Voor het eerst in jaren bereidde ik me hierop een beetje voor. Uit de NIC-base leerde ik een partij vanbuiten van Gorik Cools tegen dezelfde tegenstander. Maar .. in deze Aljechin deed zwart nu bijna meteen d x e. Dada voorbereiding. Toch weerde ik me kranig want het werd een lange partij met lichte tijdnood voor mijn sterke opponent. Rokeren had ik hem ontnomen. Enige smet op deze partij was dat ik een toren liet instaan en dat mijn tegenstander dit niet had opgemerkt (!); we moeten beiden serieus in trance geweest zijn. Hoedanook: verlies.
    Ronde 4 was er een om snel te vergeten tegen een continu op z’n stoel wiebelende, kwetterende, rondspringende, flesjes-uit-rugzak-nemende en mandarijntjes etende Adrian Roos. Niet echt leuk. Volgende keer geef ik op na m’n eerste zet.
    In de 5de ronde moest ik tegen Lucien Geerts, een sympathieke Limburgse schaker die vorig jaar tegen me gewonnen stond (stuk voorsprong) maar het toch nog verknalde. Speelt zeer snel (‘Lucien, ben jij ooit al in tijdnood gekomen? Kan ik me niet herinneren’) en ook dit keer raakte ik ondanks mijn Benkö in slechte papieren. Ik had wel een aantal noodremmen in de stelling ingebouwd maar op een bepaald moment sta ik plots -6.73. Toen hij die killermove naliet te spelen kon ik overnemen, neutraliseren, tegenageren en winnen met luttele minuten overschot in de KO-faze.
    Tweeënhalf op 5 was goed en gunstig om de laatste speeldag mee in te gaan. Traditioneel vangt de eerste ronde van de laatste speeldag aan in de ochtend. De koffiemachine pruttelt vrolijk en de barmeisjes krijgen soms kramp in de voorarm door het broodjes smeren. Ik moest schaken tegen een notoir Brusselaar, de ex-koloniaal en mathematicus Albert Frank. Vroeger stond er nog NM achter z’n naam, een titel die denk ik niet meer bestaat. Hoewel hij er me vroeger al eens genadeloos afzette, ving ik vol vertrouwen deze partij aan. Weeral koos ik Frans. Hij beantwoordde dat nogal apart wat me eigenlijk nog meer vertrouwen gaf. Edoch, de opening was nauwelijks achter de rug of ik liep met open ogen in een valletje dat me de kwaliteit kostte. This sucks en van de wederomstuit liep ik na nog enkele zetten zelfs in een mat. De opening beloofde vuurwerk, de werkelijkheid was heel lauw. Ik geloof dat ook hij ontgoocheld was dat we niet langer konden spelen; de berg had een muis gebaard. Naar de meesters gaan kijken is ook leuk, maar liever geen uren aan een stuk en liever niet met de wetenschap dat de laatste partij moet gewonnen (of remise) om je tornooi te redden. Voor Gunther Van Landeghem volstond remise om in elke scenario ongedeeld eerste in de -1700 te worden gekroond. Dat lukte, al zou het er kunnen mee te maken hebben gehad dat hij moest aantreden tegen een ploegmakker.
    Ik moest tegen KASK-man Schrickx die duidelijk niet in een remisemood was. Tien jaar geleden kruisten wij ook al eens de degens (die van mij was een kermisexemplaar) en vage gebeurtenissen van die partij stonden me voor de geest. De variant van het Spaans was nu anders dan toen maar toch deed hij nu ook weer Px Lb3. En weer speelde hij het technisch perfect –klein voordeel uitbuiten en me dan vastspijkeren. Ik geloof niet dat ik buiten Lb5 over het midden van het bord ben geraakt. Weerkundig gezien was het weekend apocalyptisch geweest en dat typeerde ook mijn partijen. Het druppelde overal binnen –dweilen met de kraan open- water naar zee dragen. Organisatrice Ida verzekerde dat er ook volgend jaar een editie komt. Ze kreeg een ware ovatie. De Indiërs gingen met veel geld naar huis. Wij gokten dat het schoonbroers van Anand waren. (gdb)

Een reactie achterlaten