WK (8)

DoorHerman Callens

dec 5, 2021

Vandaag Interclub-time, en dus geen rechtstreekse blikken op de 8ste partij in de WK-kamp CarlsenNepomniachtchi. Meer nog, tegen de tijd dat ondergetekende klaar was, was de confrontatie tussen de wereldkampioen en zijn uitdager zo goed als voorbij. De details van een en ander kwamen dus nadien boven water. Of in beeld, so to speak. En dan weet je eerst wat er gebeurd is, en dan pas hoe. Dan is live toch leuker. Nu ja, je kunt niet alles hebben. _LEESMEER_

Carlsen schakelde weer over op 1. e4, en dus ging (de Rus) Nepomniachtchi weer over tot de Russische verdediging. Deze keer kwam de Schotse variant (3. d4) op het bord, wat na 8 zetten tot een bijzonder(e) symmetrische stelling leidde, met een volledig bezette d-lijn (D, L, L, p, p, L, L, D). Edoch, zwarts 8ste zet (8. … Ld6 i.p.v. De7+, de beste weg naar gelijkspel) was wellicht al twijfelachtig. Wit kon nu simpelweg rokeren en dan moest zwart al rekening houden met een torenschaak of een dame-uitval naar h5.

Nepomniachtchi had een goed antwoord in huis: 9. … h5, zodat het witte Dh5 meteen uit de stelling was en bovendien bleek de champ daar niet echt op voorbereid. Carlsen dacht liefst 41 minuten na over 10. De1+, en gaf nadien ook toe dat hij het even niet meer wist: “Ik dacht zo  lang na dat ik niet meer goed kon rekenen, dus ik besloot om dan maar de dames te gaan ruilen en dan zou het wel op remise uitdraaien.”

Dat was zonder de uitdager gerekend. Nepomniachtchi speelde verrassend zijn koning naar f8, in de euvele gedachte dat het geen verschil maakte met 10. … Dxe7. Met die laatste zet zou hij echter de weg vrij hebben gemaakt voor een rokade naar weerskanten (niet tegelijk natuurlijk) en was er absoluut niets aan de hand, terwijl de ontwikkeling van beide torens nu lichtjes strop zat. Het leek wel of hij remise uit de weg wou gaan, en dat mag lofwaardig zijn, zij het niet het verstandigst.

Carlsen dwong ruil van de zwartveldige lopers af en kluisterde de koningstoren, die via h6 naar e6 wou, vast met 15. Dg5. Even later vond Caruana (las ik) dat zwart er lichtjes belabberd bij stond: “Ik heb veel betere stellingen gehad met zwart waarbij ik niettemin vond dat ik onder druk stond!” De klapper moest echter nog komen. Nepomniachtchi verstoutte zich de b-pion op te spelen (21. … b5), maar overzag daarbij dat na het schaak op a3 (22. Da3+ annex 23. Dxa7) ook de eigen loper hing. Naar verluidt sloeg het de meeste commentatoren met verstomming.

Na afloop gaf de uitdager ruiterlijk toe dat hij meteen spijt had gehad van die onfortuinlijke pionopstoot en dat hij even – hij bleef een kleine 10 minuten weg van het bord – had moeten bekomen: “In een heel remiseachtige stelling zo blunderen, dat doet pijn!” Het vervolg laat zich raden. Nepomniachtchi speelde een stuk flauwer dan hij tot nu toe had gedaan, en Carlsen was in z’n element. De champ nam zijn tijd, had niet veel later twee pionnen, en manoeuvreerde zijn tegenstander gestaag en feilloos de verdoemenis in.

Oké, dat is 2-0 (5-3) met nog 6 partijen te gaan. Er zijn er niet zoveel die dat ooit hebben gered. Euwe tegen Aljechin in 1935 (zelfs na een 0-3 achterstand) en Fischer tegen Spasski in 1972 (al was dat een beetje een apart geval, omdat de Amerikaan de 2de partij niet was komen opdagen en dus met forfait had verloren). Nepomniachtchi was ondanks alles nog vrij goedgemutst op de persconferentie. Het is een vriendelijke jongen, natuurlijk. Hij verontschuldigde zich voor zijn zwakke partij van vandaag en hoopte dat hij na de rustdag weer op z’n best zou zijn. Het is het minste wat hij nodig heeft, maar een overwinning is nog beter. Het zou de kamp opnieuw wat leven inblazen.

Volgende partij: dinsdag.

Een reactie achterlaten