In de marge van ons jeugd- en rapidtoernooi kwam er een discussie op gang over prijzengeld. Waarom delen wij ratingprijzen niet bij ex-aequo’s? De een doet het wel, de ander niet. Wie het niet doet, zoals wij dus, haalt vooral praktische overwegingen aan. Acht envelopjes vullen met 3,67 euro? Begin er maar eens aan. En wie maak je daar uiteindelijk blij mee?

Ik wil het niet hebben over het al of niet delen van ratingprijzen, maar over prijzen in het algemeen. Het is op deze website door een van onze leden aangehaald: prijzengeld maakt het schaken kapot. Een straffe stelling, maar niet zo gek als sommigen denken. We kennen bijvoorbeeld allemaal het fenomeen van de overbodige slotronde. Koplopers kijken elkaar eens diep in de ogen, hebben voordien al de euro’s geteld die ze zouden kunnen verliezen als ze er nog eens voor gaan en beperken zich vervolgens tot een paar symbolische zetten. Remise? Uiteraard. Ook in de slotronde van ons eigen rapidtoernooi eindigde de partij op bord 1 al na twee zetten met een puntendeling. En schaken dan, vraag je? Nu even niet, eerst naar de kassa.

Toen onze landgenoot Raymond Ceulemans, tot nader order ’s werelds grootste biljarter, ergens in de jaren zestig wereldkampioen Driebanden werd, kreeg hij als prijs… een valies. Dat was alles. Vandaag lachen we daar allemaal mee, maar naturaprijzen waren in die romantische tijden schering en inslag. Nu krijgt Kim Clijsters af en toe ook wel eens een Porsche onder haar kont geschoven als ze een toernooi wint, maar die ontvangt ze bovenop de honderdduizenden euro’s die sowieso al  op haar rekening worden overgeschreven. De authentieke naturaprijs is een bedreigde soort geworden, ook in het schaken.

Ik ben de eerste om te zeggen dat je professionele sporters eerst hun broodwinning toestopt, geld dus, en dan eventueel nog een broodmachien. Maar moet dat ook op amateurniveau? En vooral: moet dat ook bij de jeugd? Al jarenlang overhandig ik aan het eind van ons jeugdtoernooi een envelop met centjes aan jongens en meisjes die zich in de prijzen hebben gespeeld. Al jarenlang heb ik het gevoel dat dit in feite belachelijk en immoreel is. Een mooie beker, een leuk cadeau, voor mijn part een doos koekjes, maar geld? Waar is dat goed voor? We zouden natuurlijk als club kunnen gaan dwarsliggen en nog enkel naturaprijzen uitreiken, maar dan worden we allicht uit het Jeugdcriterium geknikkerd. In die zin is het bijzonder jammer dat het Criterium van bij de start niet resoluut gekozen heeft voor geldloze prijzen. Een gemiste kans om schaken en centen uit elkaar te houden voor schakers die geen moment van die centen wakker liggen. Wie durft de heilige koe in vraag te stellen? (JT)

14 reactie op “Geldprijzen maken het schaken kapot!”
  1. en zou het erg zijn moest je geldprijzen voor de jeugd afschaffen en uit het criterium geknikkerd worden? dat kost misschien wel x aantal deelnemers maar je houdt dan alleszins vast aan je principes.
    kinderen die echt graag schaken zullen toch blijven komen.

    Wat de geldprijzen betreft kun je overwegen, zoals Gert heeft aangehaald, om ook de topprijzen niet meer te delen. Dan heb je in de laatste ronde geen salonremises omdat het financiele verschil tussen plaats 1 en 4 toch een tik te groot is.

    Misschien een idee voor volgend jaar?

  2. Voilà, vind ik ook. Het beloningssysteem zou voor alle spelers hetzelfde moeten zijn. Toch is het mijn persoonlijke mening dat best alle prijzen zouden gedeeld. Het nadeel is wel dat er meer kans tot sjoemelen is (hoewel dit ook mogelijk is met Bucholz-systeem). De mens heeft steeds de neiging om dé nummer 1 aan te duiden. Zie ook de titel van het SKOG Open-artikel. Ik ken alleszins meer spelers van mijn allooi die liever ratingprijzen gedeeld zien dan een of ander scheidingssysteem. Of dat hun deelname aan een tornooi bepaalt weet ik niet. Als ik de keuze heb tussen de twee weet ik wél wat kiezen. Ben het gewoon beu om bv. met een 5/9 in de -1700 geldloos thuis te komen. Volgend jaar ga ik dus tijdens het Brasschaat Open met het gezin in het buitenland een tornooitje opzoeken. Een idee van mijn vrouw. Het jachtinstinct van manlief dient bevredigd hè. Ik speel gewoon daar waar de kans dat ik iets win het grootst is. Think like a grandmaster 🙂

  3. Ik heb al mijn natura prijzen nog van mijn vroegere jeugdtornooien en koester ze nog steeds als leuke herinneringen : schaakstukken waar ik nog steeds mee speel, een poster met schaakopeningen (in het Duits, schaak & andere boeken, een tinnen schoteltje toen ik tweede bij de meisjes werd (we waren met 3), …)
    En de liefde voor het schaken, die is daar vastgezet, vroeger, in de jeugdschaak, ook zonder geldprijzen is de uitdaging van het spel gebleven.
    Langs de andere kant, leer de kleintjes maar snel waar de wereld om draait: geld graaien zoveel je kan, de beste zijn in wat je doet en je tegenstanders verpletteren.
    Zo bereik je de top !
    Maar wie wil die nu nog bereiken ?

  4. Het is vanzelfsprekend dat je een kind laat kiezen tussen een tafel met prijzen en niet één of ander geldbedrag overhandigt.

    De vanzelfsprekendheid zit hem in de boodschap die erachter schuilt : de wereld draait niet om geld. Niet voor een kind. En hopelijk ook niet voor een volwassene. Jeugd = een ruime open blik. Hopelijk leren we hen niet te vroeg hoe gesloten een blik kan zijn.

    Geef ze een stripalbum, een boek, game, abonnement, enz. Laat een kind kind zijn.

  5. In principe moet alles kunnen. Behalve Roger Vangheluwe gelasten met de prijsuitrijking.

  6. Voor alle duidelijkheid: als we uit het criterium zouden liggen, komt er geen kat meer naat het jeugdtoernooi. Allez, hoogstens nog zo’n 40 kinderen. Kijk maar toen Hoboken inrichtte zonder criterium.

  7. Ik sluit mij toch ook vooral aan bij Jan V. De eerste intentie moet zijn om deelnemers naar je toernooi te trekken. Hoe meer spelers, hoe meer onderlinge contacten, waaruit vervolgens het schaken en de club in het bijzonder slechts beter kunnen worden.
    Een toernooi is immers iets anders dan het eigen loutere amusementsschaken op een clubavond.
    Bovendien vraag ik mij af op welke kinderen hier wordt gedoeld als je denkt dat die niet (ook) gericht zijn op het behalen van inkomsten. Op het gevaar van seksimse af: waarom gaan meisjes babysitten en jongens bijklussen vooraleer ze daadwerkelijk een officiele vakantiejob mogen doen (vanaf 16) ? Ook een kind van 12 wil een bijkomend zakcentje.

    De mindere goden weten wellicht dat ze niet in de prijzen zullen vallen, maar dit verandert dan ook niet wanneer geldprijzen in naturaprijzen zouden wijzigen. De intentie om dan toch nog mee te doen aan een toernooi is het loutere amusement tijdens het toernooi. Noch geldprijzen, noch naturaprijzen veranderen hier iets aan.
    Wat hiervoor dan misschien wel het overwegen waard is, is het opdelen van het toernooi in twee reeksen. Vandaag valt immers op dat velen op het rapidtoernooi wegblijven, gelet op de grote schare aan (te ?) sterke spelers. Het paringensysteem zorgt misschien wel een stuk voor een correctie, maar verhindert op 9 ronden niet dat je door een te grote volatiliteit nog steeds verschillende totaal kansloze partijen speelt, wat het plezier wegneemt voor de amateur.
    Misschien zou een opstart in twee groepen (denk aan limieten in vb. het C en D-toernooi) hier wel een uitkomst bieden. Voor de tweede groep zou een discussie over prijzen dan mogelijks in een ander daglicht kunnen worden geplaatst.

  8. …geldprijzen, natura prijzen je zult altijd pro en contra’s hebben. Salonremises …komt dit ook niet voor bij volwassenen tornooien ?? in elke ‘Sportdiscipline heb je winnaars en verliezers. De kinderen die aanwezig zijn op de Vlaamse jeugdcriteriums zijn die met passie hun ‘hobby’ of ‘sport’ willen beoefenen. Deze criteriums geven hen de kans om te groeien en te spelen tegen andere. En ja het zijn meestal dezelfde die winnen, maar is Sporting Anderlecht ook al geen 30e Belgische landskampioen geworden. Je zou perfect op jeugdtornooien de geldprijzen achterwegen kunnen laten en natura prijzen geven maar zitten de +16 jarige te wachten op natura prijzen. Of wat ga je doen wanneer enkele jeugdspelers (is nog steeds tot 20jaar) op volwassenentornooien geldprijzen winnen… . Salonremises komen voor op alle niveaus op de criteriums is dit niet anders, maar wie denkt dat op de criteriums dit gebeurd omdat er gerekende wordt in Euro’s heeft het mis. Onze jeugdspelers spelen voor de eindstand in het criterium. En ook hier zoals in elke sportdiscipline wordt het elk jaar beslist tussen dezelfde jeugdspelers. De reeksen opsplitsen zoals ik lees…voordelen, komen de sterke jeugdspelers dan…neen! Sterke jeugdspelers haken af omdat ze er niets bij verdienen (ik bedoel uiteraard Elo rating). Dit fenomeen zie je toch ook op Liga- en Vlaamse jeugdkampioenschappen. Wil je dit veranderen dan moet je de jeugdspelers in een grote pot gooien mixen en spelen in drie reeksen: Categorie A > 1800 , Categorie B < 1900, Categorie NC. Maar vooraleer alles op een hoop te gooien en overhaast beslissingen te nemen is het misschien beter op elk criteriumtornooi hetzelfde inschrijvingsgeld te vragen, hetzelfde scheidingspuntensysteem te gebruiken en zijn er geldprijzen dit overal hetzelfde te houden.

  9. Een vriend van mij miste op het Brasschaat Open een mooie ratingprijs omdat een van zijn tegenstanders uit een vorige ronde niet kwam opdagen voor de laatste ronde : dada Bucholz ! Kansloos. Hoewel hij anders 2de was geweest. Waarom is die speler weggebleven ? Omdat hijzelf geen kans meer maakte op een ratingprijs in een categorie hoger. Durf nu nog eens beweren dat Bucholz het eerlijkst is.

    Als men als bestuur weigert onderzoek te doen van de kinetiek van spelerslijsten, is men slecht bezig. Scheidingssysteem is contraproductief. Gefrustreerde spelers blijven het jaar nadien mogelijk weg, minder barinkomsten (A. speler die weg blijft in 20XX +1 B. deel van het prijzengeld dat wordt geconsumeerd in 20XX en/of getrakteerd valt weg) .. your loss ! Beweren dat ratingspelers niet zijn geïnteresseerd in prijzengeld is grotesk. Dream on.
    Moreel aspect : gelijke behandeling van topspelers en ratingspelers qua toekenning van geldprijzen. Weg met die Brood en Spelen-toestanden waar de arbiter en organisator zich keizer Nero en Cleopatra wanen en de ratingspelers in de rol van bebloede gladiatoren moeten kruipen.

    Ik besef dat dit een gevecht tegen de bierkaai is. Mijn voorspelling : Het is zo en blijft zo. Punt. In de toekomst blijf ik gewoon weg van dergelijke tornooien. De arbiters en penningmeesters zullen dit toejuichen want dan hebben ze minder werk. Hogere deelnemeraantallen interesseren hun niet. Een waanbeeld van een vermeend juiste ideologie spookt rond in hun hoofden. Ik kan niet anders dan dit besluiten gezien de argumenten die hier neergepend zijn.

  10. Penningmeesters juichen dit toe want dan hebben ze minder werk. Hogere deelnemeraantallen interesseren hen niet. Ja hallo, gaan we die sloganeske verkiezingstoer op, dit is pertinent irrelevant en onjuist. Indien ratingprijzen niet gedeeld werden (tot nu toe) dan was dat wel om heel andere redenen, met name om voor diegenen die deze niet onbelangrijke prijzen winnen ook een goed gevoel van belangrijkheid te kunnen geven, zo van je moet geen GM zijn om ook eens in de prijzen te vallen. En om net daardoor misschien méér deelnemers naar je toernooi te lokken. En tenslotte is het zeker niet waar dat ratingprijzen altijd voor dezelfde spelers zouden zijn, dit in tegenstelling tot de toernooiprijzen.

  11. Vergeef me deze hyperbool. Het argument van ‘zoveel meer enveloppes te vullen’ gaat er bij mij niet in. In andere provincies dan A’pen kan men blijkbaar wel deze inspanning doen. We behoren nochtans tot hetzelfde Kaukasische ras. Dus een fysiek of psychisch probleem zie ik niet.
    Weet je, vele kleintjes maken een groot geheel. Die kleintjes zijn de ratingspelers en het getuigt van respect voor hen, als je hen gelijk behandelt. Meer mensen dan je zou denken zijn daar gevoelig voor. Het zou goed zijn mocht de KBSB daar een e-ledenraadpleging over houden en het resultaat meedelen aan alle tornooiorganisatoren om het te gebruiken als richtlijn en het al of niet te koppelen aan subsidie. Dit laatste is misschien overdreven maar nu is het zo van ‘iedereen doet maar op’ en reglementen rammelen of ontbreken zelfs gewoon. Flyers van tornooien zijn vaak onduidelijk of onvolledig. Dat een beroepscommissie op het einde van een tornooi, vaak tussen pot en pint, moet beslissen over een heikele kwestie is te vermijden. Bv. waarom krijgt de ene wel een half puntje bij afwezigheid en de andere speler niet ? Omdat de ene heeft verwittigd en de andere niet ?

  12. Graag wil ik een en ander rechtzetten. Het is aan de organisatoren niet verplicht om geldprijzen te geven in een criteriumtornooi.
    Zie artikel 9 van het reglement.

    9. In elk tornooi ontvangen alle deelnemers een mooi aandenken. De eerste 5 van elke reeks ontvangen een speciale prijs; te interpreteren per organisator. Het procentueel best scorende meisje ontvangt ook een extra prijs. Deze prijs is cumuleerbaar.

    Het is perfect mogelijk om bijvoorbeeld mooie gezelschapspelen te geven als prijs. Spelers in de hogere groepen hebben echter wel liever een geldprijs. Dat weten we uit ervaring.

    Hugo Van Steenwinckel

  13. Klopt, Hugo, bedankt om dat te melden. maar het Criterium zou meer hebben kunnen doen: geldprijzen gewoon verbieden, toch zeker tot een bepaalde leeftijdscategorie.

Een reactie achterlaten